ECLI:NL:RBSGR:2009:BK4386
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- H.F.M. Hofhuis
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering onmiddellijke invrijheidstelling wegens voorlopige hechtenis
Eiseres is veroordeeld tot twaalf jaar gevangenisstraf wegens doodslag en bevindt zich in voorlopige hechtenis. Zij heeft hoger beroep ingesteld en verzocht om onmiddellijke invrijheidstelling vanwege vermeende onrechtmatigheid van haar voorlopige detentie.
Eiseres heeft een verzoek ingediend om de minister van Justitie te gelasten een aanwijzing te geven aan het openbaar ministerie om haar onmiddellijk vrij te laten. Dit verzoek is afgewezen omdat de juiste procedure voor beoordeling van voorlopige hechtenis is neergelegd bij de raadkamer van het gerechtshof, waar zij reeds een verzoek tot opheffing of schorsing van de voorlopige hechtenis heeft ingediend dat is afgewezen.
De rechtbank overweegt dat de vordering feitelijk neerkomt op een bevel tot onmiddellijke invrijheidstelling, waarvoor de strafrechtelijke procedure via artikel 69 Sv Pro openstaat. Er is geen bijzondere spoedeisendheid of nieuwe feiten die een afwijking rechtvaardigen. Daarom wordt de vordering afgewezen en eiseres veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot onmiddellijke invrijheidstelling wordt afgewezen omdat de juiste procedure via de raadkamer van het gerechtshof openstaat.