ECLI:NL:RBSGR:2009:BK5004
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beperking arbeid bij verblijfsvergunning gezinshereniging medische behandeling
Eisers hebben bezwaar gemaakt tegen de arbeidsmarktaantekening die aan hun verblijfsvergunningen is verbonden, welke hen verbiedt arbeid te verrichten tijdens hun verblijf in Nederland. De vergunningen zijn verleend in het kader van gezinshereniging vanwege medische behandeling van een ouder. Eisers stelden dat zij niet ziek zijn en dat de beperking hun integratie belemmert, en voerden aan dat het beleid onredelijk is en in strijd met algemene beginselen van behoorlijk bestuur.
De rechtbank oordeelt dat de beperking voortvloeit uit het beleid zoals neergelegd in paragraaf B8/8 van de Vreemdelingencirculaire 2000 en dat dit beleid niet kennelijk onredelijk is. De vergunningen zijn tijdelijk en gekoppeld aan de duur van de medische behandeling van de hoofdpersoon, waardoor arbeid niet is toegestaan. Eisers behoren niet tot de categorieën waarvoor een uitzondering geldt volgens artikel 4 van Pro de Wet arbeid vreemdelingen (Wav).
De rechtbank volgt verweerder in het standpunt dat het beleid geen afwijking op grond van artikel 4:84 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) rechtvaardigt. Er is geen sprake van strijd met de beginselen van zorgvuldigheid, motivering en evenredigheid. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: De beroepen tegen de beperking 'arbeid niet toegestaan' bij de verblijfsvergunningen worden ongegrond verklaard.