ECLI:NL:RBSGR:2009:BK6374
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verbod op executiemaatregelen hypotheekrecht Stationsplein Leiden
De gemeente Leiden vorderde in kort geding dat Bever zou worden verboden executiemaatregelen te nemen op een perceel aan het Stationsplein te Leiden, en dat Regiobouw medewerking aan dergelijke maatregelen zou worden verboden. De gemeente stelde dat de vaststellingsovereenkomst tussen Bever en Regiobouw de voorkeurspositie van de gemeente schond, omdat Regiobouw vrijwillig medewerking verleende aan de executie van het hypotheekrecht zonder dat sprake was van verzuim.
De rechtbank stelde vast dat Bever en Regiobouw een turn key-overeenkomst hadden gesloten waarbij een hypotheek was gevestigd ten behoeve van Bever. Na conflicten en ontbindingen ontstond een vaststellingsovereenkomst waarin werd voorzien in een openbare executoriale verkoop van het perceel. De gemeente had een voorkeursrecht gevestigd op het perceel en startte een onteigeningsprocedure.
De rechtbank oordeelde dat Regiobouw in verzuim was wegens niet-nakoming van terugbetalingsverplichtingen, waardoor Bever gerechtigd was tot executie van haar hypotheekrecht. De vaststellingsovereenkomst was niet met de kennelijke strekking gesloten om het voorkeursrecht van de gemeente te schenden. De rechtbank wees het verbod af en veroordeelde de gemeente in de proceskosten.
De uitspraak bevestigt dat een hypotheekhouder met een voorafgaand gevestigd recht en bij verzuim van de schuldenaar gerechtigd is tot executie, ook indien een gemeente een voorkeursrecht heeft gevestigd, zolang niet aannemelijk is dat de overeenkomst is gesloten om dat voorkeursrecht te omzeilen.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verbod van de gemeente af en bevestigt dat Bever gerechtigd is tot executie van haar hypotheekrecht.