ECLI:NL:RBSGR:2009:BK6521
Rechtbank 's-Gravenhage
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Toekenning forfaitaire schadevergoeding voor voorlopige hechtenis zonder extra immateriële vergoeding
Verzoeker heeft een schadevergoeding gevorderd voor de periode van inverzekeringstelling en voorlopige hechtenis, in totaal 16 dagen, waarvan 13 dagen in beperkingen. De rechtbank heeft vastgesteld dat verzoeker recht heeft op een vergoeding van €95 per dag voorlopige hechtenis, wat neerkomt op €1.235.
De rechtbank heeft het verzoek tot een hogere vergoeding afgewezen, ondanks het betoog van de raadsvrouw dat de intensiteit van de verhoren, de leeftijd en gezondheid van verzoeker, en de publiciteit rondom de zaak een hogere vergoeding rechtvaardigen. De rechtbank oordeelde dat de standaardvergoeding reeds rekening houdt met immateriële schade en dat onvoldoende is aangetoond dat extra vergoeding gerechtvaardigd is.
Ook de gevorderde vergoeding voor schade door publiciteit is afgewezen, omdat deze schade niet direct voortvloeit uit de detentie en daarom niet onder artikel 89 Sv Pro valt. De rechtbank concludeerde dat de behandeling tijdens het verhoor respectvol was en dat het zwijgrecht van verzoeker werd gerespecteerd.
De uitspraak werd gedaan door rechter G.H.M. Smelt, waarbij de griffier W.G. Terwel aanwezig was. Verzoeker was niet persoonlijk aanwezig, maar werd vertegenwoordigd door zijn raadsvrouwe mr. S. Hopman.
Uitkomst: Verzoeker ontvangt een forfaitaire schadevergoeding van €1.235 voor voorlopige hechtenis, zonder extra vergoeding voor immateriële schade.