ECLI:NL:RBSGR:2009:BK6607
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen buitenbehandelingstelling verblijfsvergunning wegens legesbetaling
Verzoekster diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd, maar verweerder stelde deze buiten behandeling wegens het niet voldoen van de leges in persoon aan het IND-loket. Verzoekster betoogde dat zij niet verplicht was om de leges persoonlijk te voldoen en dat artikel 3.34i VV hierover in strijd is met hogere regelgeving, waaronder het Vreemdelingenbesluit en de Algemene wet bestuursrecht.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het Vreemdelingenbesluit sinds 2 mei 2009 bepaalt dat aanvragen in persoon worden ingediend, maar dat dit niet uitsluit dat aanvragen ook schriftelijk kunnen worden gedaan. Artikel 3.34i VV verplicht betaling van leges in persoon, maar dit staat op gespannen voet met de mogelijkheid om een aanvraag niet in persoon in te dienen. Verweerder kon niet aannemelijk maken waarom betaling niet door een gemachtigde kan plaatsvinden of waarom betaling alleen op afspraak mag.
De rechtbank concludeerde dat het bezwaar een redelijke kans van slagen heeft en dat het belang van verzoekster om in Nederland te blijven zwaarder weegt dan het belang van verweerder bij een snelle uitzetting. Daarom werd de voorlopige voorziening toegewezen, met een verbod op uitzetting totdat op het bezwaar is beslist. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De voorlopige voorziening wordt toegewezen en uitzetting van verzoekster wordt verboden totdat op het bezwaar is beslist.