ECLI:NL:RBSGR:2009:BK8285
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing afwijzing verblijfsvergunning asiel in vreemdelingenzaak Burundi
Eiseres, een vrouw van Burundische nationaliteit, vroeg in 2006 asiel aan in Nederland. De aanvraag werd door verweerder afgewezen vanwege gebrek aan reisdocumenten en onvoldoende geloofwaardigheid van haar asielrelaas. Eiseres stelde te vrezen voor vervolging door zowel het regeringsleger als de FNL, mede vanwege de moord op haar man en zoon door onbekende geüniformeerde mannen.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht de geloofwaardigheid van het relaas heeft betwijfeld vanwege tegenstrijdigheden en gebrek aan bewijs, maar dat het besluit onvoldoende is gemotiveerd ten aanzien van het traumatabeleid. De rechtbank volgt eiseres niet in haar stelling dat artikel 15 van Pro de Definitierichtlijn een aparte bescherming biedt.
Uiteindelijk verklaart de rechtbank het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en beveelt een nieuw besluit met inachtneming van deze uitspraak. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten. De rechtbank benadrukt dat het niet weten welke groepering verantwoordelijk is voor de dood van haar man en zoon niet uitsluit dat eiseres aanspraak kan maken op bescherming op grond van het traumatabeleid.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit vernietigd vanwege onvoldoende motivering omtrent het traumatabeleid.