ECLI:NL:RBSGR:2009:BK8349
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Belastingrechter vernietigt heffingsrente wegens schending zorgvuldigheidsbeginsel door inspecteur
Eiser ontving voor het jaar 2007 een voorlopige aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen van €23.000, waarover heffingsrente werd berekend. Na een verzoek van eiser werd de aanslag verminderd tot nihil, zonder heffingsrentevergoeding. Vervolgens legde de inspecteur een nieuwe voorlopige aanslag van €23.000 op met €109 heffingsrente.
Eiser stelde dat de inspecteur onzorgvuldig had gehandeld door de aanslag automatisch te verminderen zonder de eigen invulinstructies voor belastingconsulenten te volgen, waardoor de heffingsrente onterecht was. De inspecteur voerde aan dat de heffingsrente wettelijk was en dat eiser onjuiste gegevens had verstrekt.
De rechtbank oordeelde dat eiser de vraag op de schattingsdiskette niet had beantwoord, wat leidde tot een onjuiste aanslag. Dit was echter aan eiser toe te rekenen. Wel handelde de inspecteur in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel door de vermindering toe te passen terwijl een interne grens van €4.200 werd overschreden zonder verklaring. Daarom was de heffingsrente onterecht.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de beschikking en de uitspraak op bezwaar en veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt de heffingsrentebeschikking wegens schending van het zorgvuldigheidsbeginsel.