ECLI:NL:RBSGR:2009:BK9071
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning op grond van de pardonregeling wegens meervoudige valse identiteiten in verschillende procedures
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de ambtshalve weigering van een aanbod op grond van de pardonregeling vanwege het opgeven van verschillende valse identiteiten in meerdere procedures. De rechtbank toetst het bestreden besluit aan de hand van de beroepsgronden.
De rechtbank oordeelt dat het criterium van meerdere procedures inderdaad vereist is en dat ook buitenlandse procedures hierbij worden betrokken. Uit de parlementaire geschiedenis volgt dat personen die herhaaldelijk in verschillende procedures onjuiste gegevens opgeven, worden uitgesloten van de pardonregeling. Eiser heeft erkend meerdere valse namen te hebben gebruikt en het besluit van 15 juli 1998, waarin dit is vastgesteld, staat in rechte vast.
Verder is er geen grond voor de stelling dat het opgeven van onjuiste gegevens slechts na 1 april 2001 tegengeworpen kan worden. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel en op artikel 4:84 Awb Pro (inherente afwijkingsbevoegdheid) faalt eveneens. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om een verblijfsvergunning af.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van een verblijfsvergunning op grond van de pardonregeling wordt ongegrond verklaard vanwege meervoudige valse identiteiten in verschillende procedures.