ECLI:NL:RBSGR:2009:BK9296
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Toekenning schadevergoeding wegens onvoldoende voortvarendheid bij bewaring vreemdeling
Eiser is op 14 augustus 2009 in bewaring gesteld op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Na eerdere ongegrondverklaringen van beroepen tegen de bewaring, stelde eiser beroep in tegen de voortduring van de maatregel en vorderde hij opheffing en schadevergoeding.
Verweerder heeft de bewaring op 1 december 2009 opgeheven wegens onvoldoende voortvarend handelen, erkende de onrechtmatigheid vanaf 3 oktober 2009 en betwistte de omvang van de schadevergoeding, verwijzend naar eerdere jurisprudentie waarin matiging mogelijk was bij weigering tot medewerking.
De rechtbank oordeelde dat onvoldoende voortvarendheid vaststaat en dat de voortduring van de bewaring vanaf 3 oktober 2009 onrechtmatig was. De rechtbank zag geen aanleiding tot matiging van de schadevergoeding ondanks de weigering van eiser mee te werken aan uitzetting, omdat eerdere jurisprudentie matiging slechts bij formele gebreken toestaat.
De rechtbank kende een schadevergoeding toe van € 2.640,-- vanaf 29 oktober 2009, € 80 per dag, en veroordeelde verweerder in de proceskosten van € 874,--. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: De rechtbank kende een schadevergoeding van € 2.640 toe wegens onrechtmatige voortduring van bewaring zonder matiging.