ECLI:NL:RBSGR:2009:BL3036
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- De Loor-Alwin
- Dedel-Van Walbeek
- Van Wezel
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot wraking rechter wegens vermeende vooringenomenheid
Verzoekster, een energiebedrijf, diende een wrakingsverzoek in tegen mr. [X], rechter in de rechtbank ’s-Gravenhage, op grond van zijn eerdere werkzaamheden als advocaat voor de Staat der Nederlanden en zijn voormalige kantoorgenootschap met mr. [A], advocaat van de Staat. Verzoekster betoogde dat deze banden twijfel opriepen over de onpartijdigheid van mr. [X].
De rechtbank overwoog dat het enkele feit dat mr. [X] voorheen advocaat was bij hetzelfde kantoor en voor de Staat heeft gewerkt, geen zwaarwegende aanwijzing vormt voor vooringenomenheid. Ook de termijn van minder dan vier jaar tussen zijn vertrek bij het kantoor en de behandeling van de zaak was onvoldoende om onpartijdigheid te betwijfelen. Mr. [X] had bovendien geen contact meer met mr. [A] en geen betrokkenheid bij de vordering van verzoekster.
De wrakingskamer benadrukte het uitgangspunt dat rechters worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij uitzonderlijke omstandigheden dat vermoeden doorbreken. De uiterlijke schijn van partijdigheid ontbrak eveneens. Het verzoek werd daarom afgewezen. De procedure in de hoofdzaak werd voortgezet zonder onderbreking. Proceskosten werden niet toegewezen omdat de wrakingsprocedure geen geding is tussen partijen maar een beoordeling door de rechtbank zelf.
Uitkomst: Het verzoek tot wraking van mr. [X] is afgewezen wegens ontbreken van zwaarwegende aanwijzingen voor rechterlijke vooringenomenheid.