ECLI:NL:RBSGR:2010:BL7342
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing schadevergoeding wegens onrechtmatige bewaring vreemdeling door onvoldoende voortvarendheid
In deze bestuursrechtelijke zaak vordert eiser, een vreemdeling, schadevergoeding wegens onrechtmatige bewaring in het Huis van Bewaring. De rechtbank oordeelt dat de Staat der Nederlanden onvoldoende voortvarend heeft gehandeld door pas op 14 januari 2010 een Dublinclaim in te dienen, terwijl de bewaring liep vanaf 16 december 2009. Hierdoor was de vrijheidsontneming onrechtmatig.
De rechtbank wijst het beroep van eiser toe en veroordeelt de Staat tot betaling van € 80 per dag voor de periode van 16 december 2009 tot 26 januari 2010, in totaal € 3.120. Daarnaast worden de proceskosten van € 874 toegewezen. De rechtbank ziet geen reden om de schadevergoeding te matigen, omdat er geen verband bestaat tussen het handelen van eiser en de onrechtmatigheid, en het beroep tijdig is ingesteld.
De uitspraak benadrukt dat in het systeem van de Immigratie- en Naturalisatiedienst een vreemdeling pas na het instellen van een beroep volledig op de hoogte raakt van uitzettingshandelingen. De rechtbank verwerpt het verweer van de Staat en wijst de schadevergoeding toe zonder matiging.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep toe en veroordeelt de Staat tot betaling van € 3.120 schadevergoeding voor onrechtmatige bewaring.