ECLI:NL:RBSGR:2010:BL8964
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Klein Egelink
- C. van Linschoten
- L. van Gijn
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering subsidiaire bescherming Somalië
Eiseres, afkomstig uit Somalië, diende een asielaanvraag in die door verweerder op 4 september 2009 werd afgewezen. De rechtbank toetste het besluit en concludeerde dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom niet voldaan zou zijn aan de uitzonderlijke situatie zoals bedoeld in artikel 15, aanhef en onder c, van de Definitierichtlijn, ondanks de door eiseres aangevoerde recente informatie over de verslechterde veiligheidssituatie in Zuid- en Centraal-Somalië, met name Mogadishu.
Verweerder had zich in zijn besluit voornamelijk gebaseerd op het aantal dodelijke burgerslachtoffers, zonder voldoende rekening te houden met het risico op andere ernstige schendingen zoals bedoeld in artikel 3 EVRM Pro. De rechtbank oordeelde dat dit een ontoereikende motivering was en dat verweerder had moeten ingaan op de door eiseres overgelegde aanvullende rapporten en notities die een ernstiger en willekeurig karakter van het geweld aantonen.
Daarnaast werd geoordeeld dat het ontbreken van reisdocumenten aan eiseres kon worden toegerekend, wat de geloofwaardigheid van haar asielrelaas aantastte. Desondanks werd het beroep gegrond verklaard vanwege het motiveringsgebrek omtrent de subsidiaire bescherming. De rechtbank vernietigde het besluit en droeg verweerder op een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak. Verweerder werd tevens veroordeeld tot betaling van de proceskosten aan eiseres.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van de subsidiaire bescherming.