ECLI:NL:RBSGR:2010:BM1420
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige bewaring van Georgische Dublinclaimanten wegens discriminatie
De rechtbank 's-Gravenhage behandelde op 15 april 2010 de beroepen van twee Georgische Dublinclaimanten tegen hun maatregel van bewaring op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Eisers waren in bewaring gesteld omdat zij Georgische nationaliteit bezitten en verweerder stelde dat de openbare orde in het geding was vanwege vermeende overlast door Georgiërs.
De rechtbank oordeelde dat verweerder onvoldoende heeft onderbouwd dat eisers persoonlijk betrokken waren bij overlast, waardoor het onderscheidend criterium uitsluitend de nationaliteit was. Dit is in strijd met het gelijkheidsbeginsel van artikel 1 Grondwet Pro en het discriminatieverbod van artikel 26 IVBPR Pro. Het beleid van verweerder om Dublinclaimanten zonder vaste criteria in bewaring te stellen zonder individuele motivering leidt tot het risico van willekeur en discriminatie.
De rechtbank verklaarde de beroepen gegrond, beval onmiddellijke opheffing van de bewaring en kende aan eisers een schadevergoeding toe van € 2.985,- per persoon voor de ten onrechte doorgebrachte dagen. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten van € 874,-. De uitspraak benadrukt het belang van individuele belangenafweging en motivering bij inbewaringstellingen van vreemdelingen.
Uitkomst: De bewaring van de Georgische Dublinclaimanten is onrechtmatig wegens discriminatie en wordt met onmiddellijke ingang opgeheven met toekenning van schadevergoeding.