ECLI:NL:RBSGR:2010:BM2550
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering machtiging voorlopig verblijf op grond van nareisbeleid
Eiser, een minderjarige asielzoeker uit Somalië, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) op grond van het nareisbeleid bij zijn broer, de referent, die een verblijfsvergunning had gekregen. De minister weigerde de mvv omdat eiser geen leges had betaald en omdat de gezinsband volgens de minister niet feitelijk in het land van herkomst was ontstaan, mede omdat referent na zeventien dagen naar Nederland was vertrokken.
De rechtbank oordeelde dat de minister het standpunt onvoldoende had gemotiveerd. Volgens het beleid hoeft de gezinsband niet gedurende een bepaalde tijd in het land van herkomst te zijn uitgeoefend, enkel dat deze daar is ontstaan. Eiser had aangetoond dat hij feitelijk tot het gezin van referent behoorde, ook na het overlijden van zijn moeder, en dat de gezinsband in Somalië was ontstaan.
De rechtbank vernietigde het besluit en veroordeelde de minister tot vergoeding van de proceskosten. De rechtbank zag geen reden om in te gaan op andere aangevoerde gronden zoals het EVRM of het IVRK. De minister moet binnen vier weken een nieuw besluit nemen met inachtneming van deze uitspraak.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van de machtiging tot voorlopig verblijf wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en onjuiste toepassing van het nareisbeleid.