ECLI:NL:RBSGR:2010:BM5689
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond wegens niet aannemelijk maken van negatief loon bij belastingaanslag
Eiser was in 2003 als advocaat in dienstbetrekking bij een B.V. en tevens bestuurder van een stichting. Verweerder legde een ambtshalve aanslag op met een verzuimboete. Eiser bracht een verlies uit werk en woning in mindering en stelde dat een bedrag van ruim €256.000 als negatief loon op zijn inkomen mocht worden afgetrokken.
De rechtbank stelde vast dat eiser door de rechtbank Alkmaar persoonlijk was veroordeeld tot betaling van dit bedrag, maar dat eiser niet aannemelijk had gemaakt dat deze veroordeling in zijn hoedanigheid als werknemer was. Ook ontbrak bewijs voor het bestaan van een standaard-uitvoeringsovereenkomst tussen de stichting en de B.V. waardoor sprake zou zijn van negatief loon.
Zelfs als er sprake zou zijn van negatief loon, zou dat eiser niet baten omdat hij nog niets had betaald en geen aannemelijke toezegging had gedaan om te betalen. De Hoge Raad vereist dat betaling heeft plaatsgevonden of een gerede kans daarop bestaat om een bedrag in aftrek te kunnen brengen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard omdat niet is aangetoond dat het bedrag als negatief loon in mindering kan worden gebracht.