ECLI:NL:RBSGR:2010:BM7417
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen handhavingsbesluiten onderhoud watergangen rietland
Verzoekers zijn eigenaren van rietlandpercelen nabij de Westeinderplassen en werden door verweerder, het college van dijkgraaf en hoogheemraden van Rijnland, medegedeeld dat zij hun onderhoudsplicht niet of onvoldoende hadden uitgevoerd. Dit betrof het verwijderen van riet uit watergangen, wat volgens verweerder een overtreding van artikel 2.2.1 van de Keur Rijnland 2009 vormde. Verweerder kondigde bestuursdwang aan indien het onderhoud niet binnen een week na het besluit werd uitgevoerd.
Verzoekers maakten bezwaar en verzochten een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter oordeelde dat verweerder niet de bevoegdheid ontzegd kan worden om eigendom te reguleren met het oog op waterstaatkundige belangen, maar dat besluiten zorgvuldig voorbereid en gemotiveerd moeten zijn. Verweerder had geen standpunt ingenomen over de classificatie van rietland als land of water, noch een watertechnische onderbouwing gegeven. Ook waren de gebruikte perceelgrenzen en maten niet zorgvuldig vastgesteld, met tegenstrijdige kadastrale kaarten en onvoldoende onderzoek naar aanpassingen na plaatsing van een damwand.
De voorzieningenrechter stelde dat verweerder eerst nader onderzoek moet doen en overleg moet plegen met verzoekers alvorens handhavend op te treden. Daarom werden de besluiten van 18 maart 2010 geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierechten en proceskosten aan verzoekers.
Uitkomst: De besluiten van 18 maart 2010 worden geschorst wegens onvoldoende motivering en gebrekkig onderzoek, met vergoeding van griffierecht en proceskosten aan verzoekers.