ECLI:NL:RBSGR:2010:BN3590
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T. van Rij
- Rechtspraak.nl
Beoordeling middelingsteruggaaf en heffingsrente bij inkomstenbelasting 2004-2006
Eiser heeft bezwaar gemaakt tegen de berekening van de middelingsteruggaaf over de jaren 2004 tot en met 2006, waarbij hij betwist dat het drempelbedrag van €545 in mindering is gebracht en dat over de teruggaaf geen heffingsrente is vergoed.
De rechtbank overweegt dat artikel 3.154, derde lid, van de Wet IB 2001 duidelijk voorschrijft dat een drempelbedrag van €545 in mindering moet worden gebracht op de middelingsteruggaaf indien het verschil meer bedraagt dan dit bedrag. Het standpunt van eiser dat het gehele bedrag zonder aftrek van de drempel moet worden teruggegeven wordt verworpen.
Voorts wordt geoordeeld dat de wet geen grond biedt voor het vergoeden van heffingsrente over de middelingsteruggaaf. De aanslag over 2006 is binnen de wettelijke termijn opgelegd, zodat ook de lange duur van de aanslagprocedure geen aanleiding geeft tot rentevergoeding of schadevergoeding.
Ten slotte wijst de rechtbank het beroep van eiser af en ziet zij geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de middelingsteruggaaf en het ontbreken van heffingsrente wordt ongegrond verklaard.