ECLI:NL:RBSGR:2010:BN3759
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Redelijke verwijdering van leerling na vechtpartij op school
In deze zaak vorderen de ouders van een leerling, aangeduid als [C], dat hun zoon wordt toegelaten tot de school nadat hij vanwege een vechtpartij met een klasgenoot van school werd verwijderd. De school had [C] geschorst en vervolgens definitief verwijderd wegens ernstige misdragingen conform het schoolreglement.
De ouders stelden dat de verwijdering onzorgvuldig, disproportioneel en ondeugdelijk gemotiveerd was. Zij wezen op het ontbreken van bewijsstukken van het vereiste advies van de lerarenvergadering, het ontbreken van overleg met de inspectie, en het feit dat medeleerlingen niet waren gehoord. Ook werd aangevoerd dat eerdere vechtpartijen niet tot verwijdering hadden geleid en dat de politie geen vrijheidsbenemende maatregelen had genomen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de school conform de regels en procedures heeft gehandeld en voldoende onderzoek heeft verricht. De school had de gedragingen van [C] terecht als ernstige misdragingen gekwalificeerd. De eerdere pesterijen en discriminatie door de klasgenoot deden niet af aan de ernst van het incident. De school had een inspanningsverplichting, geen resultaatsverplichting, ten aanzien van het voorkomen van pestgedrag. De verwijdering was proportioneel en de school bood alternatieven binnen hetzelfde bestuur.
De vordering van de ouders werd afgewezen en zij werden veroordeeld in de proceskosten. De rechtbank bevestigde daarmee het recht van de school om voor een veilig leerklimaat te zorgen en agressief gedrag te sanctioneren.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering af en bevestigt dat de school in redelijkheid tot verwijdering van de leerling heeft kunnen besluiten.