ECLI:NL:RBSGR:2010:BN4803
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.F.M. Hofhuis
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart onrechtmatig handelen van de Staat bij niet-Europese aanbesteding archeologisch onderzoek Lomm
In deze zaak vorderen eisers, waaronder de vennootschap onder firma [A. & B.] en [B.], een verklaring voor recht dat de Staat onrechtmatig heeft gehandeld door het toestaan van het gunnen van archeologische opdrachten zonder Europese aanbesteding. De archeologische werkzaamheden betreffen een project in Lomm, verdeeld in twee fasen. Voor fase 1 is de opdracht gegund zonder openbare Europese aanbesteding, terwijl voor fase 2 een openbare aanbesteding heeft plaatsgevonden waarbij eisers konden meedingen.
De rechtbank stelt vast dat de Staat verantwoordelijk was voor de aanbesteding en dat de niet-Europese gunning in strijd is met het aanbestedingsrecht. Voor fase 1 oordeelt de rechtbank dat de Staat onrechtmatig heeft gehandeld en aansprakelijk is voor de schade die hierdoor is geleden, welke nader moet worden vastgesteld in een schadestaatprocedure. Voor fase 2 wijst de rechtbank de vordering af omdat eisers onvoldoende hebben toegelicht dat de Staat onrechtmatig heeft gehandeld bij de beoordeling van offertes.
Verder verklaart de rechtbank de v.o.f. [A. & B.] niet-ontvankelijk wegens cessie van vorderingen aan [B.]. De Staat wordt veroordeeld tot vergoeding van de schade en buitengerechtelijke kosten van € 904,-. Proceskosten worden gecompenseerd, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De Staat is onrechtmatig jegens eiser B. door het toestaan van niet-Europese gunning van fase 1 en wordt veroordeeld tot schadevergoeding en betaling van buitengerechtelijke kosten.