ECLI:NL:RBSGR:2010:BN6260
Rechtbank 's-Gravenhage
- Raadkamer
- De Boer
- Bosman
- Van Zeijst
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid rechtbank bij opheffing schorsing voorlopige hechtenis na hofbeschikking
In deze strafzaak heeft de rechtbank 's-Gravenhage op 26 augustus 2010 beslist over de bevoegdheid bij de vordering tot opheffing van de schorsing van voorlopige hechtenis. De voorlopige hechtenis was eerder door de rechtbank bevolen en de schorsing daarvan was door de raadkamer van het hof op 11 mei 2010 uitgesproken onder voorwaarden.
De officier van justitie vorderde opheffing van deze schorsing wegens overtreding van de voorwaarden, zoals gemeld door de Reclassering Nederland. De rechtbank heeft de verdachte, zijn raadsman en de officier van justitie gehoord en het dossier bestudeerd.
Hoewel er jurisprudentie bestaat die het hof als bevoegd aanwijst, volgt de rechtbank deze niet en baseert zij zich op artikel 86 Sv Pro en eerdere uitspraken van het Gerechtshof Amsterdam en literatuur om haar eigen bevoegdheid te onderbouwen.
De rechtbank concludeert dat verdachte zich niet aan de schorsingsvoorwaarden heeft gehouden en beveelt daarom de opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis en gelast de voortzetting van de voorlopige hechtenis.
Uitkomst: De rechtbank beveelt de opheffing van de schorsing van de voorlopige hechtenis wegens overtreding van de voorwaarden en gelast voortzetting van de hechtenis.