ECLI:NL:RBSGR:2010:BN6375
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering verblijfsvergunning wegens medische vrijstelling mvv-vereiste
Eiseres, van Ghanese nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd, maar haar aanvraag werd geweigerd omdat zij niet beschikte over een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). Verweerder stelde dat eiseres niet viel onder de vrijstellingsgronden van artikel 17 lid 1 onder Pro c van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000). Eiseres voerde aan dat vanwege haar medische situatie reizen onverantwoord was en dat haar beroep op deze vrijstelling terecht was.
De rechtbank oordeelde dat verweerder ten onrechte geen vrijstelling van het mvv-vereiste had verleend, omdat artikel 64 Vw Pro 2000, dat uitstel van vertrek toestaat bij medische redenen, van toepassing was verklaard. De rechtbank stelde vast dat artikel 17 lid 1 onder Pro c Vw 2000 niet vereist dat de belemmering om te reizen niet-tijdelijk is, en dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd waarom de vrijstelling niet werd verleend.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat verweerder binnen zes weken een nieuw besluit moet nemen met inachtneming van deze uitspraak. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen omdat de rechtbank op het beroep had beslist. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten en het griffierecht werd aan eiseres vergoed.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het bestreden besluit wordt vernietigd, met de verplichting voor verweerder een nieuw besluit te nemen.