ECLI:NL:RBSGR:2010:BN9691
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning alleenstaande minderjarige vreemdelingen wegens ontbreken rust- en voorbereidingstijd
Eisers, twee alleenstaande minderjarige vreemdelingen van Soedanese nationaliteit, dienden op 22 juli 2010 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Verweerder wees deze aanvragen bij besluiten van 29 juli 2010 af, waarna eisers beroep instelden. De rechtbank onderzocht of de aanvragen binnen de algemene asielprocedure (AA-procedure) zonder schending van zorgvuldigheidsnormen konden worden behandeld.
Verweerder beriep zich op het ontbreken van documenten ter staving van nationaliteit en identiteit en stelde dat het asielrelaas onvoldoende geloofwaardig was. Eisers betoogden dat zij ten onrechte geen rust- en voorbereidingstijd kregen, terwijl volgens een brief van 18 juni 2010 van verweerder aan de Tweede Kamer juist een rustperiode van minimaal zes dagen, met een richttijd van drie weken, geldt voor minderjarige asielzoekers op AC Schiphol.
De rechtbank oordeelde dat deze brief niet controversieel was verklaard en dat de rust- en voorbereidingstijd ook op AC Schiphol dient te gelden. Omdat verweerder deze rustperiode niet had geboden en niet aannemelijk had gemaakt waarom de aanvragen niet vanuit het behandelkantoor in Den Bosch werden behandeld, was de afwijzing onzorgvuldig. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de besluiten en beval nieuwe besluitvorming binnen zes weken. Tevens werd verweerder veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt de afwijzing van de verblijfsvergunningaanvragen en beveelt nieuwe besluitvorming met inachtneming van rust- en voorbereidingstijd.