ECLI:NL:RBSGR:2010:BO2146
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- R.J. Paris
- Rechtspraak.nl
Geen ongeldige inschrijving bij aanbesteding baggerwerkzaamheden ondanks discussie over erkende eindverwerkingslocatie en referentiewerk
De Provincie Zuid-Holland schreef een openbare Europese aanbesteding uit voor baggerwerkzaamheden in diverse waterwegen. De Combinatie Dosco/Schilder werd als meest voordelige inschrijving beoordeeld, terwijl de Combinatie van Haaften als tweede eindigde. De Combinatie van Haaften stelde dat de inschrijving van Dosco/Schilder ongeldig was omdat niet voldaan zou zijn aan de eis van een verklaring van een erkende eindverwerkingslocatie en dat het referentiewerk niet voldeed aan de gestelde vakbekwaamheidseisen.
De voorzieningenrechter stelde vast dat schone baggerspecie niet naar een erkende eindverwerkingslocatie vervoerd hoeft te worden en dat de perceelseigenaren waar deze specie wordt gedeponeerd niet als erkende eindverwerkingslocaties gelden. Dosco/Schilder had een verklaring van een erkende locatie, De Ingensche Waarden, overgelegd, wat voldeed aan de eis. De eis tot overleggen van een verklaring van Rosandeplas was niet relevant omdat deze locatie niet gebruikt zou worden.
Ten aanzien van het referentiewerk oordeelde de voorzieningenrechter dat de Singelgracht te Zwolle wel degelijk een vaarweg voor de beroepsvaart is, ondanks dat deze niet volgens de CEMT-klasse-indeling is ingedeeld. De Combinatie van Haaften kon haar stellingen niet voldoende onderbouwen. De vorderingen werden afgewezen en de Combinatie van Haaften werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van de Combinatie van Haaften worden afgewezen en de inschrijving van Dosco/Schilder is geldig verklaard.