ECLI:NL:RBSGR:2010:BO2449
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens ongeloofwaardig asielrelaas over Ogboni-genootschap
Eiser, een Nigeriaanse nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Hij stelde dat hij zijn land had verlaten vanwege dreiging door het Ogboni-genootschap, waar zijn vader lid van was en hij zou moeten opvolgen. Eiser kon zijn reisroute en vertrekdatum niet aannemelijk maken en leverde geen ondersteunende documenten aan.
Verweerder wees de aanvraag af op grond van artikel 31 van Pro de Vreemdelingenwet 2000, omdat het asielrelaas onvoldoende positieve overtuigingskracht had. De rechtbank toetste marginaal en vond dat verweerder terecht oordeelde dat het verhaal van eiser niet geloofwaardig was, mede door tegenstrijdigheden met ambtsberichten over het Ogboni-genootschap.
De rechtbank concludeerde dat eiser niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij bij terugkeer in Nigeria een reëel risico loopt op vluchtelingrechtelijke vervolging of een behandeling die verboden is onder artikel 3 EVRM Pro. Het beroep werd ongegrond verklaard en de termijn voor hoger beroep werd vastgesteld.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel is ongegrond verklaard wegens ongeloofwaardig asielrelaas.