ECLI:NL:RBSGR:2010:BO3820
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verblijfsvergunning asiel voor Macedonische familie wegens onvoldoende bewijs vervolging
Eisers, een familie van Macedonische nationaliteit, vroegen asiel aan wegens discriminatie en onveiligheid in hun woonplaats, met name vanwege hun etnische afkomst, religie en invaliditeit. Verweerder wees de aanvragen af op grond van het rechtsvermoeden dat Macedonië een veilig land is dat het Vluchtelingenverdrag naleeft.
De rechtbank oordeelt dat verweerder terecht uitgaat van een verzwaarde bewijslast voor eisers, die onvoldoende aannemelijk hebben gemaakt dat zij in Macedonië geen bescherming kunnen krijgen tegen discriminatie of vervolging. De problemen die zij ondervinden zijn ernstig maar niet van dien aard dat zij als vervolging kunnen worden aangemerkt.
Ook is niet gebleken dat eisers bij terugkeer medische zorg zullen worden ontzegd met ernstige gevolgen. De rechtbank stelt vast dat eisers niet hebben aangetoond dat de overheid hen niet kan of wil beschermen en dat zij zich niet elders in Macedonië kunnen vestigen vanwege hun situatie.
De rechtbank concludeert dat de asielaanvragen terecht zijn afgewezen en verklaart de beroepen ongegrond. Er is geen aanleiding voor kostenveroordeling.
Uitkomst: De rechtbank wijst de asielaanvragen af wegens onvoldoende bewijs dat eisers in Macedonië vervolging of ernstige discriminatie zonder bescherming ondervinden.