ECLI:NL:RBSGR:2010:BO4529
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- H.C. Greeuw
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens ontoereikende motivering over risico ernstige schade in Somalië
Verzoeker, een Somalische nationaliteit dragende persoon, diende op 16 april 2010 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Deze aanvraag werd op 21 april 2010 afgewezen door verweerder, waarna verzoeker beroep instelde en tevens een voorlopige voorziening verzocht om uitzetting te voorkomen.
De rechtbank hield zitting op 11 mei 2010 en oordeelde dat verweerder onvoldoende had gemotiveerd dat er in Zuid- en Centraal-Somalië geen zodanige mate van willekeurig geweld bestaat dat iedere burger een reëel risico loopt op ernstige schade zoals bedoeld in artikel 15, aanhef en onder c, van richtlijn 2004/83. Verzoeker had onder meer een rapport van Human Rights Watch overgelegd waaruit bleek dat burgers in Somalië risico lopen slachtoffer te worden van onvoorspelbare aanvallen, waarbij zij als menselijk schild worden gebruikt.
Daarnaast werd vastgesteld dat ontheemden tijdens hun vlucht en verblijf in nederzettingen blootstaan aan bedreiging, mishandeling, verkrachting, beroving en een slechte humanitaire situatie met gebrek aan water, voedsel en hygiëne. Verweerder had deze omstandigheden onvoldoende betrokken in zijn besluit. De rechtbank vernietigde daarom het bestreden besluit en droeg verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Het verzoek om voorlopige voorziening werd afgewezen.
De rechtbank wees ook de proceskosten toe aan verzoeker, die een toevoeging had. Verzoeker kan tegen deze uitspraak hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd.