ECLI:NL:RBSGR:2010:BO4784
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens onvoldoende motivering en onjuiste beoordeling identiteit
Eiser, van Iraakse afkomst en behorend tot de Koerdische en Yezedische minderheid, diende op 15 januari 2009 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. De Minister van Justitie wees deze aanvraag op 15 juni 2009 af vanwege twijfel aan de echtheid van door eiser overgelegde documenten en onvoldoende geloofwaardigheid van zijn asielverhaal.
De rechtbank oordeelt dat het proces-verbaal van de Koninklijke Marechaussee, waarin de documenten als vals worden bestempeld, voldoende inzichtelijk is en dat verweerder terecht geen geloof hecht aan de identiteit en het geloof van eiser. Echter, de rechtbank stelt vast dat verweerder ten onrechte niet heeft onderzocht of de veiligheidssituatie in Mosul zodanig verslechterd is dat terugkeer een reëel risico op ernstige schade oplevert.
Gezien de verslechterde situatie in Irak sinds maart 2010 en het gestegen aantal willekeurige geweldsincidenten, concludeert de rechtbank dat het bestreden besluit onvoldoende gemotiveerd is en vernietigt dit. Verweerder wordt opgedragen binnen twaalf weken opnieuw te beslissen, rekening houdend met de overwegingen van de rechtbank. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van € 874,-.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot afwijzing van de asielaanvraag wordt vernietigd en verweerder dient binnen twaalf weken opnieuw te beslissen.