ECLI:NL:RBSGR:2010:BO5374
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens ondeugdelijke motivering
Eiseres, afkomstig uit Eritrea, diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel die werd afgewezen door verweerder wegens onvoldoende onderbouwing van haar reisroute en het ontbreken van reisdocumenten. Verweerder baseerde zich op artikel 31, tweede lid, aanhef en onder f, van de Vreemdelingenwet 2000 en verwees naar een eerdere zaak waarin geen sprake was van afpersing of verkrachting.
De rechtbank oordeelt dat eiseres als minderjarige onder druk is gezet en verkracht tijdens haar reis, waardoor zij in een grotere mate afhankelijk was van de reisagent dan in de door verweerder aangehaalde zaak. Hierdoor is het voorstelbaar dat zij geen documenten kon overleggen. Verweerder heeft dit onvoldoende gemotiveerd en heeft niet adequaat gereageerd op het feit dat eiseres niet gevraagd was naar details van haar reis.
De rechtbank stelt vast dat het besluit niet voldoet aan de motiveringsvereisten van artikel 3:46 Awb Pro en dat verweerder het toetsingskader van positieve overtuigingskracht niet juist heeft toegepast. Het beroep wordt gegrond verklaard, het besluit vernietigd en verweerder opgedragen een nieuw besluit te nemen binnen zes weken. Tevens wordt verweerder veroordeeld in de proceskosten van € 874,-.
Uitkomst: Het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning asiel wordt vernietigd wegens ondeugdelijke motivering en verweerder wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.