ECLI:NL:RBSGR:2010:BO5381
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.M. Kos
- H.C. Greeuw
- G.D. de Jong
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering machtiging tot voorlopig verblijf wegens schending recht op gezinsleven
Eisers verzochten om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) om bij hun oudste zoon respectievelijk broer in Nederland te verblijven. Verweerder wees de aanvragen af vanwege het niet voldoen aan het basisexamen inburgering buitenland. De rechtbank oordeelde dat verweerder niet deugdelijk had gemotiveerd dat deze weigering niet in strijd was met het recht op eerbiediging van het familie- of gezinsleven zoals bedoeld in artikel 8 EVRM Pro.
De rechtbank stelde vast dat verweerder geen op het individuele geval toegespitste belangenafweging had gemaakt, terwijl dit verplicht is volgens jurisprudentie van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens. Verweerder had onvoldoende rekening gehouden met de erkenning van eisers als vluchteling door de UNHCR, de moeilijke omstandigheden waaronder zij illegaal in Turkije verbleven, en de psychische problemen door de langdurige scheiding van het gezin.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en besloot zelf in de zaak te voorzien door eisers toe te kennen dat zij in aanmerking komen voor een mvv met als doel het uitoefenen van het gezinsleven conform artikel 8 EVRM Pro. Tevens werd verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten en griffierecht.
De uitspraak trad in de plaats van het vernietigde besluit en verweerder werd opgedragen binnen vier weken na verzending van de uitspraak de mvv te verstrekken. Het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit werd niet-ontvankelijk verklaard omdat eisers geen belang meer hadden bij dat onderdeel.
Uitkomst: De rechtbank vernietigt het besluit tot weigering van de mvv en beveelt verstrekking van de mvv aan eisers.