ECLI:NL:RBSGR:2010:BO6778
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.F.M. Hofhuis
- Rechtspraak.nl
Staat aansprakelijk voor kosten rechtsbijstand in fiscale douanezaak na onrechtmatige aanslagen
Heerema Zwijndrecht B.V. voerde werkzaamheden uit onder een douanevergunning voor actieve veredeling. Na administratieve controle legde de douane twee aanslagen tot betaling van douanerechten (UTB's) op, die Heerema betwistte. De Hoge Raad vernietigde deze aanslagen wegens onrechtmatigheid, waardoor de Staat aansprakelijk werd voor de schade.
Heerema vorderde vergoeding van kosten voor rechtsbijstand in de bezwaarfase, bij Europese Commissie-verzoeken en voor het veiligstellen van rechten tegenover haar douane-expediteur, totaal € 50.494,11 exclusief btw, plus buitengerechtelijke kosten van € 10.582,84. De Staat betwistte de redelijkheid van deze kosten.
De rechtbank oordeelde dat de kosten redelijk en noodzakelijk waren, gelet op het belang en de complexiteit van de zaak, en dat Heerema in redelijkheid alle beschikbare rechtswegen mocht bewandelen. Ook de kosten voor de discussie met de expediteur voldeden aan de dubbele redelijkheidstoets. De buitengerechtelijke kosten werden deels toegewezen conform forfaitair tarief.
De Staat werd veroordeeld tot betaling van € 52.282,11 exclusief btw, vermeerderd met wettelijke rente, en in de proceskosten ten gunste van Heerema. Het vonnis werd uitgesproken door mr. H.F.M. Hofhuis op 10 november 2010.
Uitkomst: De Staat wordt veroordeeld tot betaling van € 52.282,11 exclusief btw en proceskosten aan Heerema wegens redelijke en noodzakelijke kosten rechtsbijstand na onrechtmatige aanslagen.