ECLI:NL:RBSGR:2010:BO7298
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek wegens onvoldoende geloofwaardigheid van bekering tot christendom
Verzoeker, van Iraakse nationaliteit, heeft een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel op grond van zijn bewering dat hij zich heeft bekeerd tot het christendom en daardoor gevaar loopt bij terugkeer in Irak. Ter onderbouwing overlegt hij een originele doopakte en een dreigbrief uit Irak. Verweerder wijst de aanvraag af omdat de bekering niet aannemelijk is.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de doopakte als nieuw feit kan worden beschouwd, maar dat verzoeker onvoldoende gedetailleerd en overtuigend kan verklaren over zijn beweegredenen en kennis van het christelijk geloof. Verzoeker is niet bekend met de stroming van zijn kerk en de betekenis van belangrijke christelijke feestdagen. Ook verklaringen van predikanten en kerkleden zijn onvoldoende om zijn geloofwaardigheid te ondersteunen.
Daarnaast acht de rechtbank het niet aannemelijk dat familie in Irak op de hoogte is van zijn kerkbezoek en dat hij daardoor gevaar loopt. De overgelegde dreigbrief wordt niet als authentiek erkend. De voorzieningenrechter wijst het verzoek tot voorlopige voorziening af en verklaart het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het asielverzoek wordt afgewezen omdat de bekering niet aannemelijk is en er geen gegronde vrees voor vervolging bestaat.