ECLI:NL:RBSGR:2010:BO9098
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Toegangsweigering op Schiphol wegens vormgebrek en onjuist asielmotief niet rechtmatig
Verzoekster werd op 18 oktober 2010 op Schiphol de toegang tot Nederland geweigerd op grond van artikel 3 van Pro de Vreemdelingenwet 2000, omdat zij niet over een geldig visum beschikte en onvoldoende middelen van bestaan had. De mondelinge toegangsweigering was gebaseerd op de Schengengrenscode, maar werd niet via het voorgeschreven standaardformulier met redenen omkleed aan haar meegedeeld, waardoor niet aan de formele vereisten werd voldaan.
Verzoekster gaf aan dat zij aanvankelijk niet van plan was asiel aan te vragen, maar dit pas deed nadat de mondelinge weigering werd uitgesproken, om haar reisgeld niet te verliezen. Zij verklaarde geen vrees te hebben voor haar leven bij terugkeer naar Nicaragua. De rechtbank concludeerde dat de toegangsweigering op grond van artikel 3 van Pro de Vreemdelingenwet voortkwam uit de onrechtmatige mondelinge weigering en daarom niet rechtmatig was.
De voorzieningenrechter bepaalde dat verweerder verzoekster gedurende de behandeling van het administratief beroep toegang tot Nederland moest verlenen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht. De uitspraak benadrukt het belang van een snelle en correcte procedure bij toegangsweigeringen en de noodzaak van effectieve rechtsbescherming conform de Schengengrenscode en de Vreemdelingenwet.
Uitkomst: Verzoekster wordt gedurende de behandeling van het administratief beroep toegang tot Nederland verschaft vanwege onrechtmatige toegangsweigering.