ECLI:NL:RBSGR:2010:BO9389
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter in kort geding tegen de Staat inzake arrestatiebevel voormalig minister
Verzoekers, eisers in de hoofdzaak, dienden een kort geding tegen de Staat met betrekking tot het afgeven van een arrestatiebevel voor een voormalig minister van buitenlandse zaken van Indonesië die tijdelijk in Nederland verbleef. Verzoekers dienden een wrakingsverzoek in tegen de behandelend rechter, stellende dat deze zich bij de appointering van de zitting had laten leiden door de belangen van de Staat en daardoor vooringenomen was.
De rechter had de zitting geappointeerd op 22 november 2010 om 18:00 uur, ondanks dat verzoekers als verhinderdata 22 en 24 november hadden opgegeven. Verzoekers voerden aan dat dit hun belangen schaadde en dat de rechter reeds een inhoudelijke beslissing had genomen door de belangen van de Staat voorop te stellen.
De wrakingskamer oordeelde dat de rechter bij de appointering rekening had gehouden met de belangen van beide partijen en dat het belang van een snelle behandeling voor beide partijen gold. Er was geen sprake van een voorschot op een inhoudelijke beslissing of van vooringenomenheid. Tevens hadden verzoekers de mogelijkheid gehad om uitstel te vragen indien zij onvoldoende voorbereidingstijd hadden.
Daarom werd het wrakingsverzoek afgewezen en werd bepaald dat de hoofdzaak voortgezet zou worden in de stand waarin deze zich bevond ten tijde van het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de behandelend rechter is afgewezen wegens gebrek aan aanwijzingen voor vooringenomenheid.