ECLI:NL:RBSGR:2010:BP0579
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag voortgezet verblijf na B9-vergunning wegens ontbreken geldige mvv
Eiseres, van Nigeriaanse nationaliteit, diende een aanvraag in voor voortgezet verblijf na een B9-vergunning, welke werd afgewezen omdat zij niet beschikte over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv). De rechtbank beoordeelde of er sprake was van nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden sinds het eerdere onherroepelijke besluit. Hoewel eiseres nieuwe feiten aanvoerde, zoals twee belagingen door mensenhandelaren en het bezit van een Nigeriaans paspoort, oordeelde de rechtbank dat het paspoort geen afdoende reden was voor herbeoordeling.
De rechtbank achtte de aangiften van belagingen wel als nieuw feit, waardoor inhoudelijke toetsing mogelijk was. Verweerder had de aanvraag als eerste toelating beoordeeld en afgewezen wegens het ontbreken van een geldige mvv. Eiseres voerde aan dat uitzetting in strijd zou zijn met artikel 8 EVRM Pro vanwege de opgebouwde sociale banden van haar in Nederland geboren dochter en de gevreesde represailles in Nigeria, waaronder gedwongen besnijdenis.
De rechtbank vond dat de opgebouwde banden van de dochter onvoldoende waren om vrijstelling van het mvv-vereiste te rechtvaardigen. Ook achtte zij de gevreesde represailles niet aannemelijk, mede vanwege het bestaan van beschermingsmogelijkheden via de Nigeriaanse instantie NAPTIP en het ontbreken van bewijs voor de dreiging van gedwongen besnijdenis. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aanvraag afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst de aanvraag voor voortgezet verblijf af wegens het ontbreken van een geldige machtiging tot voorlopig verblijf.