ECLI:NL:RBSGR:2011:BP1401
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.F.M. Hofhuis
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen verbeurdverklaring dwangsommen wegens voortzetting reparatiewerkzaamheden niet gegrond
Eiseres voerde verzet aan tegen een dwangbevel van de gemeente wegens het niet staken van reparatiewerkzaamheden aan vuilcontainers op een perceel in strijd met het bestemmingsplan. Zij stelde dat de activiteiten op 23 december 2008 waren gestaakt en dat een ander bedrijf, ACE B.V., sindsdien het perceel gebruikte voor andere werkzaamheden.
De rechtbank onderzocht de bewijsstukken, waaronder notariële verklaringen van betrokkenen en een factuur van overdracht van inventaris. Hoewel ACE B.V. werkzaamheden verrichtte, waren deze anders van aard dan die van Lasbedrijf Alphen B.V. De rechtbank concludeerde dat eiseres niet had aangetoond dat Lasbedrijf Alphen B.V. de verboden activiteiten had gestaakt na 23 december 2008.
Daarnaast was het verzet tegen de invorderingskosten deels gegrond omdat de gemeente deze kosten onvoldoende had gespecificeerd in het dwangbevel. De rechtbank veroordeelde eiseres in de proceskosten en bepaalde dat het dwangbevel onwerkzaam was voor het bedrag van €3.250 aan invorderingskosten.
De uitspraak benadrukt het belang van voldoende bewijs voor het staken van verboden activiteiten en de noodzaak van duidelijke specificatie van invorderingskosten in bestuursrechtelijke dwangbevelen.
Uitkomst: Het verzet tegen de verbeurde dwangsommen wordt afgewezen, maar het verzet tegen ongespecificeerde invorderingskosten wordt gegrond verklaard.