ECLI:NL:RBSGR:2011:BP3062
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige bewaring vreemdeling wegens strijd met Terugkeerrichtlijn
Eiser, een vreemdeling met de Turkse nationaliteit, werd op 18 januari 2011 in bewaring gesteld op grond van artikel 59 van Pro de Vreemdelingenwet 2000. Hij stelde beroep in tegen deze maatregel, stellende dat de bewaring onrechtmatig was omdat de grondslag niet voldoet aan de Terugkeerrichtlijn.
De rechtbank oordeelde dat de bewaring niet gebaseerd kon worden op het enkele feit dat de noodzakelijke documenten voor terugkeer voorhanden zijn of spoedig beschikbaar zullen zijn, zoals vereist door de Terugkeerrichtlijn. Tevens werd overwogen dat de openbare orde en nationale veiligheid geen zelfstandige grondslag kunnen vormen voor bewaring volgens de richtlijn en het arrest van het Hof van Justitie van 30 november 2009.
Verder werd het recht op rechtsbijstand van eiser niet geschonden geacht, ondanks dat zijn advocaat niet aanwezig was bij het gehoor, omdat eiser geen bezwaar had gemaakt tegen het horen zonder advocaat. De rechtbank oordeelde dat de maatregel van bewaring onrechtmatig was en besloot deze met ingang van 1 februari 2011 op te heffen.
Daarnaast kende de rechtbank een schadevergoeding toe van €1.170,- voor de onrechtmatige bewaring en veroordeelde verweerder in de proceskosten van €874,-. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De maatregel van bewaring wordt opgeheven wegens strijd met de Terugkeerrichtlijn en eiser ontvangt schadevergoeding.