ECLI:NL:RBSGR:2011:BP7545
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep kentekenhouder bij snelheidsovertreding wegens niet tijdig zekerheid stellen
De zaak betreft een beroep van een Duitse kentekenhouder tegen een boete voor een snelheidsovertreding op de N11. De kantonrechter had het beroep eerder niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig stellen van zekerheid. Het Gerechtshof Leeuwarden vernietigde deze beslissing omdat niet was gebleken dat de kentekenhouder tweemaal in het Duits was gewezen op de verplichting tot zekerheidstelling, en verwees de zaak terug.
Na terugverwijzing heeft de kantonrechter opnieuw gewezen op de zekerheidstelling in het Duits, maar de kentekenhouder stelde geen zekerheid. Verrekening van de zekerheid met een proceskostenvergoeding werd afgewezen. Om proceseconomische redenen werd geen verdere gelegenheid gegeven om zekerheid te stellen en werd het beroep niet-ontvankelijk verklaard.
Inhoudelijk oordeelde de kantonrechter dat het beroep ook ongegrond zou zijn omdat niet was aangetoond dat sprake was van een bedrijfsmatige huurovereenkomst en de kentekenhouder aansprakelijk blijft volgens artikel 5 WAHV Pro. Het beroep op strijdigheid met het EVRM werd verworpen op basis van jurisprudentie van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.
De beslissing bevestigt dat de kentekenhouder aansprakelijk blijft bij snelheidsovertredingen tenzij aan specifieke voorwaarden wordt voldaan, en benadrukt het belang van correcte en tijdige zekerheidstelling in de juiste taal. Het beroep wordt derhalve niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de kentekenhouder wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig stellen van zekerheid.