ECLI:NL:RBSGR:2011:BP8874
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen terugkeerbesluit vreemdeling
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen een terugkeerbesluit waarin is vastgesteld dat hij niet langer rechtmatig in Nederland verblijft en dat hij Nederland onmiddellijk moet verlaten. Verzoeker stelt dat het terugkeerbesluit onrechtmatig is en dat hij ten onrechte in bewaring is gesteld zonder dat de Terugkeerrichtlijn in nationale wetgeving is geïmplementeerd.
De voorzieningenrechter overweegt dat het terugkeerbesluit geen zelfstandig besluit is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht, omdat het geen nieuwe rechtsgevolgen creëert die niet al voortvloeien uit eerdere meeromvattende beschikkingen uit 1999 en 2000. Verzoekers stelling dat deze eerdere beschikkingen zijn uitgewerkt wordt niet gevolgd, omdat geen nieuw besluit is genomen dat het verblijfsrecht wijzigt.
Daarnaast kan de rechtmatigheid van de vreemdelingenbewaring niet in deze procedure worden beoordeeld, omdat hiervoor een aparte procesgang is voorzien in de Vreemdelingenwet 2000. Het terugkeerbesluit brengt geen rechtens relevante wijziging in de situatie van verzoeker en bevestigt slechts de reeds bestaande verplichting tot vertrek.
Gelet op het voorgaande is er geen aanleiding om een voorlopige voorziening te treffen en wordt het verzoek afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het terugkeerbesluit wordt afgewezen omdat het besluit geen nieuwe rechtsgevolgen heeft en de rechtmatigheid van de bewaring niet in deze procedure kan worden beoordeeld.