ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ0210
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- A.C. Terwiel-Kuneman
- Rechtspraak.nl
Toegang tot Schengengebied onterecht geweigerd na verstrijken zes maanden periode
Verzoeker, van Amerikaanse nationaliteit, werd op 17 maart 2011 de toegang tot het Schengengebied geweigerd omdat hij reeds drie maanden binnen zes maanden in de EU zou hebben verbleven. De rechtbank overweegt dat volgens het arrest van het HvJ van 3 oktober 2006 het begrip 'eerste binnenkomst' ook geldt na het verstrijken van elke nieuwe periode van zes maanden. Verzoeker stelde terecht dat sinds zijn vorige binnenkomst op 23 december 2006 meer dan zes maanden waren verstreken.
De voorzieningenrechter oordeelde daarom dat de weigering van toegang onterecht was en dat verzoeker als toegelaten moest worden behandeld. Tevens was de vrijheidsontnemende maatregel op grond van artikel 6 Vreemdelingenwet Pro 2000 onrechtmatig opgelegd en moest deze worden opgeheven. Verzoeker kreeg bovendien een schadevergoeding van €600 toegekend voor zijn verblijf in detentie.
De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht. Het beroep werd gegrond verklaard en de opheffing van de maatregel bevolen. De uitspraak werd gedaan door de voorzieningenrechter van de enkelvoudige kamer voor vreemdelingenzaken op 29 maart 2011.
Uitkomst: Verzoeker wordt behandeld als toegelaten tot Nederland, vrijheidsontnemende maatregel opgeheven en schadevergoeding toegekend.