ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ0327
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging besluit afwijzing verblijfsvergunning wegens onvoldoende onderzoek identiteit
Eiser diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel, welke door verweerder werd afgewezen wegens twijfel aan de identiteit en nationaliteit van eiser. Verweerder achtte de overgelegde kopieën niet authentiek en vond dat eiser onvoldoende had aangetoond dat hij in het bezit was van de originele documenten. Eiser stelde dat hij wel over originele documenten beschikte en verzocht om overleg over de toezending daarvan.
De rechtbank oordeelde dat verweerder het besluit niet zorgvuldig had voorbereid. Eiser had immers in de zienswijze duidelijk aangegeven dat hij originele documenten bezat die voldeden aan het beleid en had verweerder verzocht contact op te nemen over de wijze van toezending. Verweerder had dit contact niet gezocht en had de authenticiteit van de documenten niet onderzocht voordat het besluit werd genomen.
Daarnaast vond de rechtbank dat de twijfel aan de Iraanse nationaliteit van eiser onvoldoende was gemotiveerd, mede omdat eiser de juiste kennisvragen over Iran had beantwoord en de taal sprak. De originele documenten die eiser later toezond, werden door verweerder onderzocht en met grote waarschijnlijkheid als echt beoordeeld.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit wegens strijd met de artikelen 3:2 en 3:46 Awb en beval verweerder binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Verweerder werd tevens veroordeeld tot betaling van de proceskosten van € 874,- aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd wegens onvoldoende zorgvuldigheid en motivering.