ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ0881
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot vaststelling Nederlanderschap wegens niet aangetoond huwelijk ouders
Verzoeker, geboren in Egypte in 1992, verzocht de rechtbank om vaststelling van zijn Nederlanderschap op grond van het huwelijk van zijn ouders en de erkenning door zijn vader. De vader was in september 1992 genaturaliseerd tot Nederlander en had verzoeker in 2003 erkend.
De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) betwistte het bestaan van een rechtsgeldig huwelijk op het moment van geboorte, hetgeen essentieel is voor verkrijging van Nederlanderschap volgens artikel 3 lid 1 van Pro de Rijkswet op het Nederlanderschap (RWN). Verzoeker kon geen sluitend bewijs overleggen van het huwelijk uit 1992, enkel een huwelijkscertificaat uit 2002, dat onvoldoende was.
De rechtbank oordeelde dat het bewijs onvoldoende was om het huwelijk aan te tonen en dat ook de erkenning in 2003 niet leidde tot Nederlanderschap omdat niet was voldaan aan de aanvullende verzorgingseis. Het verzoek tot vaststelling van Nederlanderschap werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot vaststelling van het Nederlanderschap wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van het huwelijk van de ouders ten tijde van de geboorte.