ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ1591
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank oordeelt dat eiser recht heeft op VAR winst uit onderneming 2010
Eiser verzocht de inspecteur om een Verklaring arbeidsrelatie (VAR) winst uit onderneming voor het jaar 2010. De inspecteur verstrekte echter een VAR resultaat uit overige werkzaamheden, waarna eiser bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank onderzocht de feiten, waaronder de oprichting van een vennootschap onder firma (v.o.f.) door eiser en mede-vennoten, de aard van de werkzaamheden, de contracten met opdrachtgevers, de zelfstandigheid van eiser en het ondernemersrisico. De rechtbank concludeerde dat eiser voldoende zelfstandig opereerde, ondernemersrisico liep en een duurzame organisatie van kapitaal en arbeid dreef.
De rechtbank verwierp het standpunt van de inspecteur dat er sprake was van een gezagsverhouding en dat de werkzaamheden onder strikte coördinatie van de opdrachtgevers plaatsvonden. Ook het overleggen van urenstaten en het gebruik van materialen door opdrachtgevers leidde niet tot het oordeel dat eiser geen ondernemer was.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de beschikking en de uitspraak op bezwaar en droeg de inspecteur op een nieuwe beschikking te geven waarbij eiser een VAR winst uit onderneming wordt verstrekt. Tevens werden proceskosten en griffierechten aan eiser toegekend.
Uitkomst: Eiser krijgt een VAR winst uit onderneming voor 2010 toegekend en de eerdere beschikking wordt vernietigd.