ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ3636
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering verblijfsvergunning wegens niet tijdig beroep op Ranov en ontbreken mvv
Eiser verzocht om een verblijfsvergunning op grond van de Regeling afwikkeling nalatenschap oude vreemdelingenwet (Ranov) of een reguliere verblijfsvergunning met beperking conform ministeriële beschikking. Verweerder wees dit af omdat eiser niet tijdig een beroep op de Ranov had gedaan en niet beschikte over een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv).
De rechtbank overwoog dat de Ranov-regeling per 1 januari 2009 was beëindigd en dat eiser niet onder de uitzonderingscategorieën viel. De omstandigheden die eiser aanvoerde, zoals ziekte en sluiting van een Vluchtelingenwerkkantoor, werden niet als bijzonder in de zin van artikel 4:84 Awb Pro aangemerkt. Ook het beroep op de hardheidsclausule faalde, omdat geen onbillijkheid van overwegende aard was vastgesteld.
Verder werd het beroep op artikel 8 EVRM Pro verworpen, omdat eiser geen langdurige verblijfsduur of voldoende sociale banden in Nederland kon aantonen. De rechtbank concludeerde dat verweerder terecht het bezwaar ongegrond had verklaard en de aanvraag had afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de weigering van de verblijfsvergunning.