ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ5706
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen meervoudige strafkamer in strafzaak
In deze strafzaak heeft verzoeker een schriftelijk wrakingsverzoek ingediend tegen de meervoudige strafkamer van de rechtbank 's-Gravenhage. Dit verzoek volgde op een tussenvonnis waarin het onderzoek ter terechtzitting werd heropend voor nader onderzoek naar de geestvermogens van verzoeker. Verzoeker stelde dat de strafkamer niet besliste op een preliminair verweer, niet alle vragen beantwoordde en dat er sprake was van partijdigheid van de rechters.
De wrakingskamer behandelde het verzoek op 8 april 2011. Namens de meervoudige strafkamer werd schriftelijk en mondeling verweer gevoerd dat het wrakingsverzoek ongegrond was omdat het betrof een louter procedurele beslissing en dat op de overige punten nog niet was beslist. De officier van justitie ondersteunde dit standpunt.
De rechtbank oordeelde dat er geen zwaarwegende aanwijzingen waren voor partijdigheid of schijn daarvan. Het wrakingsverzoek werd afgewezen en vastgesteld dat het proces in de hoofdzaak wordt voortgezet. Tevens werd bepaald dat een volgend wrakingsverzoek in deze strafzaak niet in behandeling zal worden genomen.
Verzoeker had ook gevraagd om onmiddellijke vrijlating wegens schending van artikel 5 EVRM Pro, maar dit werd als niet passend binnen deze procedure beschouwd.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek wordt afgewezen en een volgend wrakingsverzoek wordt niet in behandeling genomen.