ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ6177
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bewaring en toepasselijkheid Terugkeerrichtlijn bij overdracht aan Italië
Eiser, een Somalische nationaliteit, is in bewaring gesteld op grond van artikel 59 Vreemdelingenwet Pro 2000 wegens het belang van de openbare orde en het afwachten van een beslissing op zijn verblijfsvergunningaanvraag. Eiser stelde dat hem een terugkeerbesluit had moeten worden uitgereikt omdat hij Nederland op andere personalia was binnengekomen. De rechtbank overwoog dat overdracht aan Italië op basis van de Europese Overeenkomst inzake overdracht van verantwoordelijkheid met betrekking tot vluchtelingen niet valt onder het begrip terugkeer in de zin van de Terugkeerrichtlijn 2008/115/EG.
De rechtbank baseerde dit oordeel op de interpretatie dat communautaire of bilaterale overnameovereenkomsten binnen de Terugkeerrichtlijn alleen zien op landen buiten de Europese Unie, en Italië als EU-lidstaat niet onder deze regeling valt. Hierdoor was verweerder niet verplicht een terugkeerbesluit te nemen. De rechtmatigheid van de bewaring werd daarom uitsluitend aan nationale wetgeving getoetst.
Verder stelde de rechtbank vast dat eiser niet beschikte over een identiteitsdocument en onvoldoende middelen van bestaan had, wat de maatregel van bewaring kon dragen. Het verzoek tot overname door Italië was ingediend en nog in behandeling, waardoor zicht op uitzetting aanwezig was. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen aanleiding gezien om een partij te veroordelen in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.