ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ7665
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Gegrondverklaring beroep tegen weigering verblijfsvergunning gezinshereniging ondanks mvv en sectarisch geweld
Eisers, van Iraakse nationaliteit, vroegen een verblijfsvergunning asiel aan voor gezinshereniging met hun zoon. Verweerder wees de aanvragen af, ondanks dat eisers geloofwaardige feiten over sectarisch geweld en bedreigingen hadden aangevoerd. De rechtbank stelde vast dat deze feiten geloofwaardig waren, maar oordeelde dat er geen gegronde vrees voor vervolging of een reëel risico op een met artikel 3 EVRM Pro strijdige behandeling was.
Daarnaast was onomstreden dat eisers met een geldige machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) Nederland waren binnengekomen, welke was afgegeven na een positief advies van de minister van Buitenlandse Zaken. De rechtbank oordeelde dat eisers op grond van het vertrouwensbeginsel mochten verwachten dat bij gelijkblijvende omstandigheden een verblijfsvergunning zou worden verleend. Verweerder kon niet aantonen dat eisers onjuiste gegevens hadden verstrekt of niet aan de voorwaarden voldeden ten tijde van de mvv-verlening.
De enkele overweging dat aan de zoon van eisers een voornemen tot intrekking van zijn verblijfsvergunning was uitgereikt, kon niet leiden tot afwijzing van de verblijfsvergunningaanvragen van eisers. De rechtbank vernietigde daarom de bestreden besluiten wegens strijd met artikel 3:46 Awb Pro en beval verweerder tot het nemen van nieuwe besluiten binnen zes weken. Tevens werden de proceskosten aan verweerder opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vernietigt de bestreden besluiten, met de opdracht tot het nemen van nieuwe besluiten binnen zes weken.