ECLI:NL:RBSGR:2011:BQ9197
Rechtbank 's-Gravenhage
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde bedrijfspand wegens onvoldoende onderbouwde waardedrukkende factoren
Eiseres, eigenaar van een bedrijfspand, betwist de door de gemeente vastgestelde WOZ-waarde van €506.000 per 1 januari 2009. Zij stelt dat de waardering onvoldoende rekening houdt met waardedrukkende factoren zoals achterstallig onderhoud, lekkages en overlast door een naastgelegen timmermansbedrijf. Verweerder baseert de waardering op een huurwaardekapitalisatiemethode, onderbouwd met een taxatierapport dat echter geen transparantie biedt over de herleiding van huurwaarden en het gebruik van gerealiseerde marktgegevens.
De rechtbank oordeelt dat verweerder niet aannemelijk heeft gemaakt dat de vastgestelde waarde niet te hoog is, mede omdat de toegepaste lump sum-kortingen van €30.000 en €40.000 niet zijn onderbouwd met bewijs. Eiseres slaagt er ook niet in haar lagere waarde van €322.000 aannemelijk te maken, en de verkoopprijs van een vergelijkbaar pand van €420.000 wordt verworpen als referentie wegens de veilingcontext.
Gezien het ontbreken van voldoende bewijs aan beide zijden, stelt de rechtbank de waarde schattenderwijs vast op €480.000. De aanslag onroerendezaakbelasting wordt dienovereenkomstig verminderd. De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de uitspraak op bezwaar en gelast vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: De WOZ-waarde van het bedrijfspand wordt verminderd tot €480.000 wegens onvoldoende onderbouwing van waardedrukkende factoren.