ECLI:NL:RBSGR:2011:BR1337
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde asielaanvraag wegens ontbreken nieuwe feiten en geen medische beoordeling verplicht
Verzoeker, een Afghaanse asielzoeker, diende een eerste asielaanvraag in maart 2011 die werd afgewezen wegens gebrek aan geloofwaardigheid en bewijs. Vervolgens diende hij op 11 juni 2011 een herhaalde aanvraag in met aanvullende documenten, waaronder brieven van de Taliban en een nationaliteitsverklaring. Verzoeker vreesde ook voor zijn veiligheid vanwege een zwangerschap van zijn nicht en mogelijke steniging.
De rechtbank oordeelde dat de herhaalde aanvraag materieel vergelijkbaar was met de eerste en dat de aangevoerde documenten en omstandigheden geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden (nova) bevatten die een hernieuwde beoordeling rechtvaardigen. De authenticiteit van de Taliban-brieven kon niet worden vastgesteld en de nationaliteitsverklaring voldeed niet aan de vereisten.
Verzoekers beroep dat hem geen medisch onderzoek was aangeboden bij de herhaalde aanvraag werd eveneens verworpen. De rechtbank stelde dat artikel 3.109, vijfde lid, Vreemdelingenbesluit 2000 alleen geldt voor eerste asielaanvragen met een rust- en voorbereidingsperiode, en niet voor opvolgende aanvragen. Er was geen sprake van nieuwe medische klachten die een onderzoek zouden rechtvaardigen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om een voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep op de herhaalde asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.