ECLI:NL:RBSGR:2011:BR1612
Rechtbank 's-Gravenhage
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen ex-werknemer na eervol ontslag en gegrondverklaring bezwaar
Eiser was sinds 1980 in dienst bij het Ministerie van Defensie en werd in 2002 eervol ontslagen. Na bezwaar en beroep werd het ontslag gegrond verklaard, waarna partijen onderhandelden over herplaatsing of beëindiging van het dienstverband. Eiser vorderde onder meer betaling van achterstallige pensioenpremies, schadevergoeding en voortzetting dienstverband.
De Staat betaalde inmiddels de achterstallige pensioen- en FPU-premies op basis van een lagere salarisschaal dan door eiser geëist. De voorzieningenrechter oordeelde dat vorderingen met rechtspositioneel karakter niet in kort geding kunnen worden behandeld, waardoor eiser niet-ontvankelijk werd verklaard voor die vorderingen. De overige vorderingen, waaronder schadevergoeding en voortzetting dienstverband, waren onvoldoende gespecificeerd en werden afgewezen.
Daarnaast werd vastgesteld dat diverse schadeposten reeds waren voldaan of onvoldoende onderbouwd. De vordering tot betaling van premies PartnerPlusPensioen werd afgewezen omdat eiser zelf actie moest ondernemen richting het ABP. De proceskosten werden niet aan een partij toegewezen, zodat iedere partij de eigen kosten draagt.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wees de vorderingen van eiser af en verklaarde hem niet-ontvankelijk in zijn primaire pensioenpremievordering en studiekosten.