ECLI:NL:RBSGR:2011:BR2778
Rechtbank 's-Gravenhage
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening tegen weigering tewerkstellingsvergunningen voor Roemeense seizoensarbeiders
Verzoekster diende aanvragen in voor tewerkstellingsvergunningen voor zes Roemeense seizoensarbeiders in de boomteelt voor 24 weken. Verweerder verleende slechts zes vergunningen voor drie maanden, met een weigering gebaseerd op voldoende prioriteitgenietend aanbod op de arbeidsmarkt.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het besluit onvoldoende zorgvuldig was voorbereid en ontbeerde een draagkrachtige motivering. Verweerder had onvoldoende concreet bewijs geleverd dat er voldoende prioriteitgenietend aanbod beschikbaar was, terwijl verzoekster aannemelijk had gemaakt dat dit aanbod niet toereikend was.
Ook was de beleidswijziging zonder overleg en aankondiging door de minister ingevoerd, wat in strijd was met het vertrouwensbeginsel en de standstillbepalingen van de EU-toetredingsverdragen met Roemenië en Bulgarije.
De voorzieningenrechter wees het verzoek tot voorlopige voorziening toe, schortte het besluit en beval verweerder verzoekster te behandelen alsof zij de gevraagde vergunningen had, zonder aanvullende voorwaarden. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Deze uitspraak is definitief en kan niet in hoger beroep worden aangevochten.
Uitkomst: Het besluit tot weigering van de tewerkstellingsvergunningen wordt geschorst en verzoekster wordt behandeld alsof zij de gevraagde vergunningen bezit.